Illustratie van een nachtelijke hemel met zoeklichten

Comète · 1943–1944

De ontsnapping

Van de zeven man die die nacht uit het brandende toestel sprongen, kwamen er vier via de Comète-lijn in Engeland terug. Twee werden krijgsgevangen; één bleef achter in Haspengouw.

VoortLuikBrusselParijsBayonnePyreneeënMadridGibraltarEngeland

Kaart met bij benadering correcte ligging — vereenvoudigde kustlijn, geen navigatiekaart.

De Comète-lijn

Comète was het grootste geallieerde ontsnappingsnetwerk van het verzet. Tussen 1941 en 1944 bracht het meer dan achthonderd neergeschoten vliegeniers van bezet België en Noord-Frankrijk, via Parijs en de Pyreneeën, naar het neutrale Spanje en vandaar naar Gibraltar. De lijn werd opgericht door de jonge Belgische Andrée De Jongh — “Petit Cyclone” — en telde honderden helpers: boeren, dokters, priesters, spoorwegbeambten en gewone gezinnen die hun leven riskeerden voor een vliegenier die ze nooit eerder hadden gezien.

Haspengouw: de eerste schuilplaatsen

Pepper belandde bij dageraad in de poort van boer Michel Paulissen te Widooie en werd een week verborgen op kasteel Ter Hove bij de familie de Schaetzen. Van daaruit bracht “Michou” — een van de grootste helden van de Comète-lijn, later onderscheiden met de George Medal — hem van Luik naar Brussel. Hesselden, gewond aan de knie, werd twaalf dagen verzorgd door Ghislaine Toussaint in Luik. Williams, gekneusd bij de landing, werd in Celles opgevangen door boer Jules Debens. Billows, getroffen aan zijn hand, werd per fiets en tram van Bommershoven naar de familie Hosdin bij de Heilig-Kruiskerk in Luik gebracht — de eerste van 83 vliegeniers die de groep van Lucien Theelen zou redden.

Van Brussel naar de Pyreneeën

Vanuit Brussel liep de route over de Belgisch-Franse grens — Dr. Colson bracht vliegeniers verborgen in zijn wagen tot Bavay — en dan per trein naar Parijs, waar een “informatie-officier” de ontsnapten streng verhoorde. In Saint-Jean-de-Luz werden ze overgedragen aan een Spaanse gids. 's Nachts trokken ze te voet de Pyreneeën over, langs geitenpaden, zonder eten of drinken, soms beschoten door Duitse patrouilles. Wie de overtocht overleefde, bereikte San Sebastian, waar de Rolls-Royce van de Britse ambassade hen naar Madrid bracht.

Gibraltar en Engeland

Vanuit Madrid reisden de vier bemanningsleden naar Gibraltar en werden vandaar in militaire vliegtuigen naar Engeland overgevlogen. Hesselden arriveerde op 17 januari 1944, Williams op 24 januari, Pepper in februari. Billows' codewoord naar het verzet luidde “Mama-Papa-Lily-Maloo” — de namen van de familie Hosdin in Luik. Zijn vervalst doorgangsbewijs voor de Franse kustsperrzone wordt in het boek bewaard. Sansam en Jackson kwamen niet via Comète thuis: zij werden gevangengenomen en belandden via Dulag Luft in Stalag IV B te Mühlberg.

“Van de zeven man aan boord kwamen er vier via Spanje en Gibraltar in Engeland terug, werden er twee krijgsgevangen en bleef er één achter in Haspengouw.”

Helpers van de Comète-lijn

Ghislaine Toussaint, die Tom Hesselden twaalf dagen voor de Duitsers verborg.Foto uit: Danny Basteyns, «Lancaster JB 367» (1983)
Michel Paulissen, de man die Philip Pepper bij dageraad opving.Foto uit: Danny Basteyns, «Lancaster JB 367» (1983)
Luik, met rechtsboven de Heilig-Kruiskerk waar John Billows bij de familie Hosdin schuilde.Foto uit: Danny Basteyns, «Lancaster JB 367» (1983)
Lees meer details in het boek

Bronnen en links

Sfeerbeeld, gegenereerd als illustratie — geen historische foto.